De vulkaan Katla ligt gedeeltelijk onder de Mýrdalsjökull-
De Katla was heel actief – tussen 930 en 1918 is de vulkaan minstens 20 keer uitgebarsten.
Geen van deze uitbarstingen was zo hevig als in 536.
Het natuur rampjaar 536
Het jaar 536 wordt vaak beschouwd als een van de slechtste jaren ooit, vanwege extreme weersomstandigheden die werden veroorzaakt door een vulkaanuitbarsting. Deze uitbarsting resulteerde in een vulkanische winter, waarbij de zonnewarmte werd geblokkeerd door een stofdeken in de atmosfeer, wat leidde tot een periode van extreme kou en misoogsten.
Hier zijn enkele belangrijke details:
Vulkanische winter:
Een grote vulkaanuitbarsting, mogelijk in IJsland, wierp grote hoeveelheden sulfaataerosolen in de atmosfeer.
Verminderde zonnestraling:
Deze aerosolen vormden een sluier die de hoeveelheid zonlicht die het aardoppervlak bereikte, verminderde.
Kou en misoogsten:
De verminderde zonnestraling leidde tot aanzienlijke temperatuurdalingen, waardoor oogsten mislukten en hongersnood ontstond.
Duisternis:
De atmosfeer werd gedurende 18 maanden verduisterd, wat een diepe impact had op het dagelijks leven
Verstrekkende gevolgen:
Deze gebeurtenissen hadden een significante invloed op Europa, het Midden-
De gebeurtenissen van 536 hebben geleid tot aanzienlijke verstoringen in de samenleving, inclusief de mogelijke invloed op de Fimbulwinter van de Vikingen
Het rampjaar 536 (Geographic Channel)

De uitbraak van de pest, het Rampjaar van 1672 en de Eerste en Tweede Wereldoorlog:
het zijn rampzalige gebeurtenissen die miljoenen levens eisten. Maar er was een decennium
waarin de wereld zo veel tegenspoed kende dat het rijken deed wankelen en aan tientallen
miljoenen mensen het leven kostte. Was de periode van 536-
Een duistere hemel
In 536 n.C. brak er in Europa een donkere tijd aan. Letterlijk, want in Constantinopel beschreef Procopius van Caesarea hoe de zon werd verduisterd.
In zijn kroniek Geschiedenis van de Oorlogen schrijft hij: ‘De zon scheen zonder helder te zijn, zoals de maan, en het leek het hele jaar alsof de zon in eclips stond, want ze scheen niet helder zoals ze dat normaal deed. En sinds dit gebeurde, was de mens niet vrijgesteld van oorlog, plagen of andere zaken die tot de dood leidden.’
De duistere hemel die Procopius beschreef, bleek te zijn bevuild door as, roet en zwavel – al zal Procopius dat niet hebben geweten.
Dat was het gevolg van een of meerdere zware vulkaanuitbarsting, mogelijk in IJsland, waarna een deken van stof over Europa en Azië werd gelegd. De deeltjes weerkaatsten het zonlicht, waardoor weinig licht de aarde bereikte en de zon – zoals Procopius beschreef – tot wel achttien maanden lang gedimd zichtbaar was.
Er breekt hongersnood uit
Rond diezelfde periode schrijft in het Ostrogotische Rijk (Noord-
Cassiodorus beschrijft verder dat ‘onbekende stoffen als een deken over de aarde liggen, en het licht en de warmte van de zon blokkeren’. Onderzoek uit 2016 toonde aan dat de temperatuur in de jaren na de uitbarsting wereldwijd met ongeveer twee graden daalde. Door aanhoudende vorst en langdurige droogte droogde de grond uit, en kon er geen fruit worden geoogst. ‘De appels zijn hard en de druiven zijn zuur,’ zo schrijft Cassiodorus.
De gevolgen van de vulkaanuitbarsting blijken enorm: in heel Europa gaan oogsten verloren en lijden mensen honger. Cassiodorus verlaagt de belastingen en vraagt de bisschop van Milaan om zijn graan aan de armen verkopen. Zelfs in Ierland, zo’n tweeduizend kilometer verderop, worden er in de Annalen van Ulster in 536 en 539 misoogsten gemeld.
Rampen overal ter wereld
Tot overmaat van ramp barst er rond 539 nóg een vulkaan uit, ditmaal in El Salvador.
Uit onderzoek uit 2019 blijkt dat deze aswolk bossen en oogsten deed afsterven, en
er in Midden-
De vulkaanuitbarsting heeft ook effecten op de rest van de wereld: de aswolk zorgt
voor nieuwe misoogsten in Europa en Azië; in Peru ontstaat er grote droogte, waardoor
veel inwoners van de Moche-
De Pest van Justinianus
In Europa en het Midden-
Deze zeer besmettelijke ziekte is waarschijnlijk door ratten via handelsschepen uit China en India naar het Middellandse Zeegebied gebracht, waarna de pest zich in slechts twee jaar tijd door Europa verspreidt. Volgens Procopius was er ‘vrijwel niemand op straat te vinden, tenzij ze een dode wegbrachten’. De ziekte wordt ook wel de Pest van Justinianus genoemd, vernoemd naar Justinianus I, de keizer van het Byzantijnse Rijk, die ook ziek wordt.
Justinianus overleefde de pest, maar tientallen miljoenen tijdgenoten doen dat niet. De pest zal nog tot ongeveer 750 n.C. in vlagen door het Byzantijnse Rijk rondwaren.